U geeft een presentatie en u hoort uzelf praten. Waarom reageert uw publiek niet enthousiast? U voelt uw hartslag versnellen. Deze opmerking had u niet verwacht... Met een kwinkslag redt u zichzelf. De vragensteller reageert verbaasd. Overtuigt u uw publiek ...?
Doelgroep:
U geeft presentaties en u wilt overtuigen!
Het resultaat:
U stemt af op uw publiek. U geeft duidelijk aan wat u wilt bereiken. U heeft meer contact met uw publiek. U presenteert overtuigender. U betrekt reacties en non-verbale signalen van uw publiek in uw presentatie. U beantwoordt vragen optimaal en u structureert de discussie, zodat deze uw boodschap versterken!
Thema's.
* Afstemming op de vragen van deelnemers.
* Samenvatting structureren, non-verbaal gedrag, gebruik van hulpmiddelen.
* Ken uw publiek: voorstanders, tegenstanders, invloedrijke personen.
* Oogcontact met uw publiek
* Passende voorbeelden?
* Verdeling van spreektijd bij het stellen van vragen.
* Omgaan met vragen uit uw publiek
Werkwijze: U oefent uw presentatie en krijgt daarop feedback en tips.
|
|
|
Overtuigend presenteren